Noodsituatie

1. Tijdelijk budget noodsituatie

Een noodsituatie wordt door het VAPH als volgt gedefinieerd:

"Een noodsituatie is een onverwachte, acuut beleefde en objectief vastgestelde situatie waarbij aan de meerderjarige persoon met een handicap onmiddellijke hulp geboden moet worden doordat de sociale context van de persoon met een handicap plots wegvalt waardoor een zeer ernstige bedreiging ontstaat voor de lichamelijke of geestelijke integriteit van de persoon met een handicap."

Het VAPH hanteert bepaalde criteria op basis waarvan kan bepaald worden of de situatie van de persoon kan erkend worden als een noodsituatie. Er is sprake van een noodsituatie wanneer aan volgende voorwaarden is voldaan:
  • door het plots wegvallen van de sociale context zijn de zorgdragers en ondersteuners niet meer in staat om de zorg en ondersteuning voor de persoon op te nemen of is het onmogelijk geworden voor de persoon om ide huidige woonsituatie te blijven functioneren
  • de fysieke of psychische gezondheid zal bijna onmiddellijk in ernstige mate geschaad worden als de huidige situatie aanhoudt
  • er is geen alternatieve oplossing in het sociale netwerk of de reguliere crisisopvang mogelijk vanwege de aard van de handicap
  • het gaat om een onvoorzienbare verandering in sociale status
Indien een aanvrager van oordeel is dat hij zich in een noodsituatie bevindt, dient hij het aanvraagformulier tijdelijk persoonsvolgend budget via noodsituatie in te vullen.
 Meer informatie over de verschillende stappen die doorlopen moeten worden voor een aanvraag noodsituatie: Aanvraag noodsituatie

Indien een noodsituatie wordt goedgekeurd, wordt onmiddellijk een tijdelijk persoonsvolgend budget ter beschikking gesteld voor 22 weken.
Deze middelen kunnen zowel worden ingezet als cash, als voucher, of als een combinatie van beide. De hoogte van dit budget wordt bepaald op basis van de vraag die de persoon stelt:
  • individuele ondersteuning: budgetcategorie I
  • dagondersteuning (eventueel aangevuld met individuele ondersteuning): budgetcategorie III
  • woonondersteuning  (eventueel aangevuld met individuele ondersteuning): budgetcategorie IV
  • dag- en woonondersteuning: budgetcategorie VIII


2. PVB na noodsituatie

Na de toekenning en activering van de tijdelijke middelen noodsituatie, moet de aanvrager binnen de 10 weken aangeven of de noodsituatie al dan niet van tijdelijke aard is. Hiertoe kan de aanvrager het aanvraagformulier persoonsvolgend budget na noodsituatie bezorgen aan het VAPH. 

Voor de beoordeling van de tijdelijkheid van de noodsituatie worden niet dezelfde criteria gebruikt als deze waarop noodsituatie initieel wordt beoordeeld. De vraag is immers hoofdzakelijk of er blijvende ondersteuning nodig is naar aanleiding van de aangevraagde noodsituatie. De tijdelijkheid van de noodsituatie wordt beoordeeld aan de hand van de volgende vragen:
  1. Zou de oorspronkelijke ondersteuning na afloop van de periode van ongeveer 22 weken op dezelfde wijze kunnen geboden worden als voor de noodsituatie? Met andere woorden zou de situatie zich kunnen herstellen zoals voorheen? Bv. Is er opnieuw gedeeltelijke opname van zorg mogelijk door het sociaal netwerk? Hierbij dient rekening gehouden te worden met de mogelijkheid om rechtstreeks toegankelijke hulp of een van voor de noodsituatie ter beschikking gesteld PVB in te zetten. 
  2. Zijn er alternatieven voor de oorspronkelijke ondersteuning die niet op dezelfde wijze opgenomen kan worden (indien er onvoldoende herstel is van de oorspronkelijke situatie). 
  3. Is er naar aanleiding van de eerder aangevraagde noodsituatie VAPH-gesubsidieerde ondersteuning nodig waar die vroeger niet nodig was? 
Wanneer op basis van het antwoord op deze vragen blijkt dat de noodsituatie niet van voorbijgaande aard is, wordt de procedure PVB na noodsituatie gestart. 


Heb je vragen of opmerkingen over dit onderwerp?
Mail naar prioritering@vaph.be
Comments