De refertelijst

Alle frequent aangevraagde hulpmiddelen en aanpassingen waarvoor het VAPH een tegemoetkoming verleent, zijn samengebracht in de zogeheten refertelijst. Deze refertelijst is de bijlage I bij het IMB-besluit van 13/7/2001 en is dus een onderdeel van de regelgeving. 

De refertelijst is onderverdeeld in deellijsten op basis van een aantal mogelijke combinaties van  interventieniveaus en functiebeperkingen. Per combinatie van een functiebeperking en een interventieniveau is er een lijst van hulpmiddelen, aanpassingen en ondersteuning (vb. herstelling of onderhoud voor bepaalde hulpmiddelen, pedagogische hulp bij hogere studies, ...) vastgelegd in de regelgeving. De items die in deze lijst zijn opgenomen, worden geacht relatief vaak noodzakelijk te zijn door de personen die deze functiebeperking en dit interventieniveau toegekend kregen. Per item in de refertelijst wordt ook een refertebedrag (de maximale tegemoetkoming vanuit het VAPH), een refertetermijn en een eventuele basiskost vermeld in de lijst. De hulpmiddelen die opgenomen zijn in de refertelijst,  worden meer in detail besproken in de hulpmiddelenfiches. Meer informatie over de hulpmiddelenfiches vindt u in de rubriek Hulpmiddelenfiches in deze module. Meer informatie over functiebeperkingen, interventieniveaus en de toepassing ervan in de refertelijst vindt u in de rubriek Functiebeperkingen en interventieniveaus van deze module.

Bepaalde referterubrieken komen meerdere malen voor bij verschillende functiebeperkingen en interventieniveaus. Het betreffende refertebedrag kan slechts éénmaal toegekend worden voor de vergoeding van één hulpmiddel of aanpassing. Een voorbeeld: “andere noodzakelijke aanpassingen auto” staat in de refertelijst onder AB, VB, AO en VO. Welke functiebeperkingen of interventieniveaus ook wordt toegekend, dit refertebedrag kan maar éénmaal worden toegekend.

De mogelijkheid van een tegemoetkoming voor hulpmiddelen of aanpassingen van het VAPH beperkt zich echter niet louter tot de refertebedragen die opgenomen zijn in de refertelijst. In het kader van een specifieke, zeer uitzonderlijke zorgbehoefte kan een hulpmiddel of een aanpassing uit de refertelijst onder bepaalde voorwaarden toch terugbetaald worden door de Bijzondere bijstandscommissie (BBC). Ook hulpmiddelen of aanpassingen die niet opgenomen zijn in de refertelijst kunnen mits een grondige motivering in bepaalde gevallen terugbetaald worden deze commissie. Meer informatie hierover vindt u in de rubriek Bijzondere Bijstandscommissie van deze module. 

De verhoging van een refertebedrag is geen voldoende voorwaarde tot de herziening van een vroegere beslissing omtrent tegemoetkoming. Indien er geen bijkomende elementen zijn die herziening motiveren (de behoefte die uit de handicap voortvloeit of de toestand van de aanvrager of zijn omgeving dient gewijzigd te zijn, art. 20 BVR 13/7/2001), dient de geldigheidstermijn van de beslissing (i.e., 2 jaar voor aankopen, leveringen of werken en 4 jaar voor ombouw/aanbouw aan de woning of bij tenlasteneming van aanvullende uitrusting, zie art. 23 van BVR 13/7/2001) eerst te zijn verstreken alvorens een nieuwe aanvraag voor een zelfde hulpmiddel kan behandeld worden.

Algemene regel: De administratie kan niet zomaar ingrijpen in een beslissing die al genomen is, ook al blijkt duidelijk dat het goedgekeurde hulpmiddel niet werd aangekocht en men in vraag kan stellen of het hulpmiddel nog noodzakelijk of adequaat is. Ingrijpen op een beslissing kan enkel door een herziening (met nieuwe elementen die een wijziging in de situatie kunnen aantonen). Deze regels gelden ook wanneer een refertebedrag is gedaald.


Heb je vragen of opmerkingen over dit onderwerp?
Mail naar hulpmiddelen@vaph.be
Comments